Terug naar Loopbaan-pagina




            Laboratorium op zee


Als gevolg van mijn onderzoekstaken bij de Technische Universiteit Delft, heb ik in totaal ruim een half jaar van mijn leven met heel veel plezier kunnen varen. Hieronder wordt enige informatie gegeven over de belangrijkste ware-grootte metingen met betrekking tot manoeuvreren, bewegingen, belastingen en prestaties van schepen, die ik op zee uitgevoerd heb.
De namen van de hierbij betrokken schepen en de vaargebieden waren:
    -   Fregat "Tjerk Hiddes" op de Atlantische Oceaan (1967)
    -   Opnemingsvaartuig "Zeefakkel" op het IJsselmeer (1977)
    -   Hydrografisch vaartuig "Tydeman" op de Atlantische Oceaan (1978)
    -   Containerschip "Hollandia" op 3 reizen naar de Cara´bische Zee (1978-1980)
    -   Containerschip "Benattow" in het Kanaal (1981)
    -   Ferry "Tor Brittannia" op de noordelijke Noordzee (1983)
    -   Patrouillevaartuig "RP16" in de Zeeuwse wateren (1984)
    -   Zware lading schip "Mighty Servant 3" op zee voor de oostkust van
        Zuid-Amerika (1985)
    -   Loodstender "Voyager" op de Noordzee (1994)
    -   Cruiseschip "Rotterdam V", analyse logboekgegevens (1998)


Fregat "Tjerk Hiddes"
Op dit 113 meter lange Nederlandse fregat (F804) uit de toen nieuwe Van Speijk-klasse (gebouwd naar het ontwerp van de Engelse Leander-klasse) hebben we in 1967 - ik meen onder leiding van Ger van Leeuwen of van Cees Glansdorp - gedurende anderhalve week draaicirkelproeven en zogenaamde Kempf zig-zag proeven bij redelijk kalm weer op de Atlantische Oceaan ten zuiden van Engeland uitgevoerd. Als ik me het nog goed herinner, gebeurde dat indertijd op verzoek van het Marine Electronisch Bedrijf (MEB) uit Oegstgeest in verband met de introductie van computers aan boord van deze schepen. Onze metingen - die uitgevoerd werden onder technische leiding van Maarten Buitenhek - dienden ondermeer om de manoeuvreereigenschappen van deze fregatten in de zogenaamde K en T indices van Nomoto uit te drukken. Een indertijd door mij ontwikkelde methode om deze indices uit zig-zag proeven te bepalen is op de hoofdpagina onder "Papers and Reports" in Paper 01 te vinden.
De "Tjerk Hiddes" werd in 1986 aan IndonesiŰ verkocht, waar het schip onder de naam KTS "Ahmad Yani" (F351) ging varen.

Opnemingsvaartuig "Zeefakkel"
Dit 45 meter lange vaartuig (A903) van de Koninklijke Marine met een diepgang van 2,20 meter, dat bij kalm weer metingen aan de zeebodem verrichtte, werd in 1977 enkele weken gebruikt bij onderzoek naar de invloed van een beperkte waterdiepte op de manoeuvreereigenschappen van een schip. De nodige manoeuvreerproeven zijn toen - onder leiding van prof. Gerritsma - door ons op die delen van het diepere en ondiepe IJsselmeer uitgevoerd waar de bodem redelijk vlak verloopt. De gezagvoerder van het schip tijdens de proeven was J. Agema.
Jaren later werd dit schip ook gebruikt bij de meerdaagse studentenpraktika van onze vakgroep onder leiding van Lex Goeman, want dit schip heeft een flinke accommodatie met relatief veel (eenvoudige) slaapplaatsen. Het schip vaart nog steeds; sinds begin 2000 doet het dienst als opleidingsschip voor het Zeekadetkorps Hellevoetsluis.

Hydrografisch vaartuig "Tydeman"
In maart 1978 werden gedurende bijna twee weken door een meetploeg onder leiding van ir. Dirkzwager (KM) en prof. Gerritsma uitgebreide bewegingsmetingen uitgevoerd op dit 90 meter lange hydrografische vaartuig (A906) van de Koninklijke Marine. Door mijn collega Maarten Buitenhek werden, naast de bewegingen van het schip, ook de wind met een anemometer en de golven met wegwerp-golfmeetboeien gemeten. Hij werd hierbij geassisteerd door Hans Ooms of Cees Jorens, wie van deze twee (of allebei) dat weet ik niet meer. Het meetgebied lag op de Atlantische Oceaan ten westen van Ierland, waar we tussen de Schotse noordkust en de Orkney eilanden door naar toe vaarden. Het door ons gewenste "slechte weer" was daar in ruim voldoende mate aanwezig. Collega Wim Beukelman had het daarbij het zwaarste, hij moest steeds onder in de machinekamer apparatuur gaan aflezen. Ik zat - met golfspectra specialist Kruseman van het KNMI - redelijk comfortabel in een meethut boven, met een goed uitzicht naar buiten. De commandant van dit schip was een goede oude bekende van ons, Bert Lempers, een marineofficier die jaren daarvoor bij onze vakgroep afgestudeerd was.
Het schip is in 2007 verkocht aan Oceanwide Expeditions in Vlissingen, die het liet ombouwen tot een soort cruisevaartuig voor maximaal 97 passagiers, waarmee expedities naar de beide poolgebieden kunnen worden gemaakt.

Containerschip "Hollandia"
Dit 204 meter lange containerschip van de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij (KNSM) - later m.s. "Nedlloyd Hollandia" van de Koninklijke Nedlloyd Groep - voer tussen Europa en het Cara´bische gebied. Aan beide zijden van de oceaan werden een groot aantal havens aangedaan. In 1979 en 1980 hebben we daarop zeer uitgebreide zeegangsmetingen gedaan gedurende drie reizen: een rondreis en twee uitreizen met de gezagvoerders G. Brunt en J.P. Laatsch. De golven en de scheepsbewegingen en -spanningen werden gemeten door 4 man uit Delft en 2 man van Lloyds Register of Shipping uit Londen. Voor het Delftse aandeel was ik indertijd verantwoordelijk. Hierbij kreeg ik alle medewerking van mijn collega's Maarten Buitenhek, Cees Jorens en Lex Goeman. Door het vrij rustige weer gedurende de rondreis, kon echter niet alle gewenste informatie verzameld worden. Een zeer beperkt meetprogramma op de aansluitende uitreis, met ÚÚn man uit Delft aan boord, had ook geen resultaat. Een jaar later ging ik met Maarten Buitenhek en de twee collega's uit Londen (Tony Hancock en Dave Robinson) een nieuwe poging wagen. Dit keer kregen we wel de gewenste golven, op ÚÚn dag zelfs tot 11 meter hoogte. Op de eerste reis hebben we - gedurende aankomst in en vertrek uit enkele havens aan de Cara´bische Zee - ook nog manoeuvreerregistraties in vlak, diep en soms heel ondiep water kunnen uitvoeren. Dat was een extraatje ten behoeve van mijn TNO-collega Ben Jaspers, naast ons in Delft werkzaam bij de manoeuvreer- en machinekamersimulator van TNO-IWECO. Een uitgebreid verslag van alle metingen is op de hoofdpagina onder "Papers and Reports" in Paper 38 te vinden.
In totaal ben ik drie maanden aan boord van dit schip geweest. In heel veel havens hebben we uitgebreid kunnen passagieren, want het schip loste en laadde daar zelf zijn containers en dat ging (heel fijn voor ons) lang niet zo snel als met walkranen.
Het schip werd in 1996 verkocht aan een Griekse reder en ze is - na wat omzwervingen - in 2002 in Shanghai gesloopt.

Containerschip "Benattow"
Dit was een zusterschip van m.s. "(Nedlloyd) Hollandia", maar het schip voer toen in charter voor Ben Lines. Haar oorspronkelijke naam was m.s. "Zeelandia". Op dit schip was een door mij - in het kader van een energiebesparingproject van de Stichting Co÷rdinatie Maritiem Onderzoek (CMO) te Rotterdam - ontwikkeld "Prestatie Bewakings Systeem" (PERSUS) ge´nstalleerd. Gedurende een overtocht in 1981 van Southampton naar Le Havre heb ik meegevaren om ondermeer de ervaringen van gezagvoerder G. Brunt te vernemen en enige ontbrekende informatie te verzamelen om dit systeem nog iets beter af te regelen. Een heel kort reisje dus. Een artikel over dit energiebesparingsonderzoek is op de hoofdpagina onder "Papers and Reports" in Paper 09 te vinden.
Het schip werd in 2006 verkocht aan Principe Navigation S.A. in Athene.

Ferry "Tor Britannia"
Deze 185 meter lange Engelse ferry onderhield de verbinding Amsterdam-Goteborg en Felixstowe-Goteborg. In 1983 heb ik met Ton Pijcke van CMO een overtocht op dit schip van Engeland naar Zweden gemaakt, om aan boord met Britse collega's over energiebesparing aan boord van schepen te praten en om onderling onze ideeŰn hierover uit te wisselen. Zij maakten op dit schip ondermeer gebruik van enkele zeer simpele meetsystemen om - tijdens de vaart - de diepgang en de trim vast te leggen. We waren ruim twee dagen aan boord, een kort reisje. Ik herinner me nog dat de gezagvoerder een Nederlander was.

Patrouillevaartuig "RP16"
Dit 23 meter lange patrouillevaartuig van de Rijkspolitie te Water was tijdelijk uitgerust met twee afzonderlijke systemen om de slingerbeweging van een klein schip in golven te dempen. Beide systemen waren gebaseerd op electronisch aangestuurde bewegende massa's, een onderwerp waarop student Theo Bosman indertijd bij ons afstudeerde en waarin Theo Koop van Koop-Nautic toen heel erg ge´nteresseerd was. Onder leiding van collega Hans Ooms hebben we in 1984 in de Zeeuwse wateren metingen aan boord van het schip verricht, om haar slingereigenschappen te bepalen en de effectiviteit van de twee anti-slinger systemen te testen.
Sinds 1993 voert dit patrouillevaartuig haar taken uit onder de naam "P94" voor de afdeling Waterpolitie van de KLPD.

Zware lading schip "Mighty Servant 3"
Dit 181 meter lange afzinkbare zware lading schip (semi-submersible) van Wijsmuller Transport uit IJmuiden was in 1985 gedurende 5 weken mijn "thuis" voor het uitvoeren van prestatie-metingen aan boord voor de kust van Zuid Amerika. Het schip was uitgerust met de door mij ontwikkelde PERSUS, zie Paper 11. Mijn kontaktpersoon bij de opdrachtgever, Wijsmuller Engineering, was toen George Verleg. Later werd dat ook Reinier Rijke. Deze metingen gebeurden tussen Vuurland (Nooit gedacht daar nog eens te komen!) en Santos, bij Sao Paulo in BraziliŰ. Ik herinner me nog dat ik me voor de helicoptervlucht van Vuurland naar het schip, dat 80 km verder op zee lag, in zo'n van boven tot onder waterdichte oranje overall moest persen met laarzenmaat 46; doch mijn schoenmaat was 47/48. Aan boord waren er 11 volle dagen bij dat ik het schip volledig tot mijn beschikking had; een werkelijk zeer unieke kans. Het schip had op dat moment geen deklading meer aan boord en moest op zee wachten op een nieuwe opdracht. Het is een afzinkbaar schip, dus ik kon elke diepgang en trim (beladingstoestand) krijgen die ik maar hebben wilde. De gezagvoerder van het schip was C. van Zanen, die mij steeds alle medewerking gaf. Een uitgebreid verslag van alle metingen is op de hoofdpagina onder "Papers and Reports" in Paper 39 te vinden.
Op 6 december 2006 is deze "Mighty" (nu van "Dockwise Shipping" uit Breda) voor de kust van Angola in 50 Ó 60 meter diep water tijdens het afzinken gezonken. Dit ongeluk gebeurde bij het lossen van het boorplatform "Aleutian Key", maar alle 21 bemanningsleden konden gelukkig tijdig het schip verlaten. Op het Internet zijn een aantal foto's van dit - toch wel zeer spectaculaire - ongeluk te vinden.

De afgedrukte tijden op enkele foto's laten zien dat de bemanning toch nog wel even de tijd had om hun zinkende schip veilig te verlaten; zie de 3e, 4e en 6e foto. Het schip kenterde niet tijdens het zinken. Het had alleen een geringe helling over bakboord en een forse trim achterover, waarbij kennelijk de achtersteven tijdens het zinken op de zeebodem rustte. In gezonken toestand stak alleen het topje van de verticaal opgeborgen laadpaal nog net boven water uit; zie de laatste foto.
De "Mighty Servant 3" werd in 2007 door "Smit Salvage" gelicht en is - na een volledige renovatie bij Grand Bahama Shipyard Ltd. - in 2009 opnieuw in de vaart gekomen.

Loodstender "Voyager"
Deze eerste tender met waterjet voortstuwing van het Facilitair Bedrijf Loodswezen in Rotterdam werd in 1994 door een brede onderzoeksgroep onder leiding van prof. Sjoerd Hengst op allerlei gebieden zeer uitvoerig getest. Ing. A.C.M. Baaten van het Loodswezen was toen onze opdrachtgever. Samen met collega Hans Ooms was ik verantwoordelijk voor het hydrodynamische deel van dit onderzoek. Op het Noordzeekanaal werden de prestaties van deze bijna 19 meter lange loodstender - met een maximale snelheid van 28 knopen - in vlak water gemeten. Buiten de sluizen van IJmuiden werden in rustig vaarwater draaicirkelproeven uitgevoerd, waarbij de baan over de grond met behulp van DGPS werd gemeten. Op de Noordzee werden vervolgens een groot aantal zeegangsmetingen onder wat meer extreme weersomstandigheden gedaan. Het weer was hiervoor toen zeer geschikt; op sommige dagen konden we door een te ruwe zee zelfs niet uitvaren. Uitgebreide verslagen van alle metingen zijn op de hoofdpagina onder "Papers and Reports" in Paper 20 en Paper 21 te vinden. In totaal zijn we ongeveer twee weken op dit schip bezig geweest.

Cruiseschip "Rotterdam V"
Dit voormalige cruiseschip van de Holland-Amerika Lijn (HAL) - met een lengte van 228 meter en als passagiersschip gebouwd bij de Rotterdamsche Droogdok Maatschappij (RDM) - hoort niet in dit rijtje thuis. Ik heb er nooit op gevaren!
Het is echter het eerste schip waar ik ooit aan gewerkt heb en het eerste schip dat ik te water zag gaan (13 september 1958). Heel veel later, in 1998, heb ik onderzoek verricht naar het vermoeiingsgdrag van de expansievoegen in de bovenbouw van de "Rotterdam V". Dit gebeurde samen met Wim Stapel (de toenmalige hoofdingenieur Scheepsbouw van de RDM en later algemeen directeur van Verolme IJsselmonde Holding B.V.) en met Lex Vredeveldt (projectleider bij TNO-Bouw in Delft, waarmee ik veel onderzoek naar de stabiliteit van lek geraakte schepen uitgevoerd heb). Stapels logboeken van dit schip werden hiertoe doorgespit. Een lezing over dit onderzoek is op de hoofdpagina onder "Papers and Reports" in Paper 27 te vinden.
Dit schip wil ik uit pure nostalgie niet in dit rijtje laten ontbreken; een schip dat voor ons en voor ons nageslacht bewaard is gebleven. Meer informatie over dit laatste is te vinden op www.stoomschiprotterdam.nl.

Dit waren mijn belangrijkste metingen op zee, waaraan ik zeer goede herinneringen heb. Zonder enige uitzondering werden we op alle schepen heel plezierig ontvangen en kregen we daar alle medewerking. De omgang met elkaar en de sfeer aan boord heb ik steeds als erg gemoedelijk ervaren. Vooral aan het varen op de "Tydeman", de "Hollandia" en de "Mighty Servant 3" denk ik nog wel eens met enige weemoed terug. Die steeds veranderende zee, zoals je dat vanaf de brug ziet en de zeer heldere sterrenhemel in echt pikdonkere nachten op zee, zijn beelden die ik nooit zal vergeten!

Wie een indruk wil krijgen over het leven van de zeeman van vroeger en nu, moet eens kijken op de websites www.scheepspraat.nl en www.kombuispraat.com van de ex 2e stuurman Jos Komen, laatstelijk tot eind 1980 gevaren bij rederij Triton.
Op de eerste site staan een groot aantal interessante en leuke verhalen van (ex-)zeelieden. De tweede site is een forum van en voor (ex-)zeelieden; link daar door naar het item "Kombuispraat". Dit is een goede site om een indruk te krijgen van het doen en denken van de zeelieden van vroeger en nu. Minpuntjes van deze tweede site zijn mijns inziens: iets teveel bijdragen die nergens over gaan en het soms veel te grote aantal van vaak bijna precies dezelfde foto's; soms lijkt het wel een foto-diarree. Maar, het is h¨n site!
Beide websites zijn een aanrader voor liefhebbers.

Terug naar Loopbaan-pagina